Al jaar en dag hakselen de Dumortiers uit Heverlee zelf hun gewassen. Na jarenlang met een Field Queen te hebben gereden, kwam er in 1996 een eerste Hesston 7730 ‘Jumbo’ op het erf. Deze mastodonten kregen niet zomaar de bijnaam ‘Jumbo’ in de volksmond. Met een hoogte van 4 meter, een breedte van 3 meter, een gewicht van 12,5 ton en een Cummins NTA 850-motor met 350 pk was dit in zijn tijd ronduit een kolossale machine. Het ging om een jonge tweedehands, met slechts 1.500 draaiuren, die destijds werd aangekocht bij Fendt-dealer Mylle uit Bellegem die deze uit overname had verkregen via landbouwwerken Gebr. Lippens uit Zulte.
Anno 2025 hebben de gebroeders Dumortier maar liefst zes exemplaren in hun bezit. Hun jongste aanwinst is de omgebouwde 7730, beter bekend als de ‘Heeb’, die inmiddels al vier seizoenen in dienst is. Deze machine werd aangekocht bij voormalig loonwerker Ludo Leeuwerck uit het West-Vlaamse Dikkebus. Ludo ontdekte de machine via een foto op het internet en was op dat moment al goed vertrouwd met bunkerhakselaars zoals de Hesston Field Queen en de 7730. Het grote minpunt van deze machines was echter het ontbreken van een korrelkneuzer.
Daar had de Zwitserse loonwerker Niklaus Heeb uit Rüthi een oplossing voor bedacht. Hij verbouwde een 7730 namelijk volledig: de originele hakselunit werd vervangen door die van een Claas Jaguar 695. In 2013 wist Ludo deze unieke machine over te nemen. Tot en met het seizoen 2020 heeft ze bij hem dienst gedaan.
Eerste seizoen moeilijk
Het eerste seizoen bij de familie Dumortier liet de Heeb het wat afweten. De injectiepomp moest opnieuw worden afgesteld en bovendien lukte het niet om de powerband voldoende op spanning te krijgen. Daardoor kon het volledige motorvermogen niet worden overgebracht en was vlot doorwerken niet mogelijk.
De Heeb was door Ludo uitgerust met een zes-rijige Claas-bek. Na twee seizoenen in Heverlee vonden de gebroeders het tijd voor vernieuwing en werd in het Verenigd Koninkrijk een tweedehands zes-rijige Kemperbek aangekocht. Oorspronkelijk was de machine door Niklaus Heeb al met een Kemperbek uitgerust, maar die is destijds in Zwitserland gebleven.
De Heeb wordt op vandaag niet meer omgebouwd voor gras, aangezien dit een hele klus is. Eén van de andere ‘Jumbo’s’ blijft daarom permanent in het gras ingezet. Bij een standaard 7730 verloopt het ombouwen vrij eenvoudig daar alles in zijn geheel er kan worden uitgeschoven. Bij de Heeb is dit complexer door de vaste hakseltrommel van de Claas 695 met nog eens de korrelkneuzer erbovenop. Wat Stefan wel mist aan de Heeb zijn de hydraulisch bediende invoerrollen, die bij een originele 7730 hydraulisch konden worden opengetrokken om de messen te inspecteren.
MAN-vrachtwagen
Naast de aangepaste hakseltrommel is ook de bunker een grote wijziging. Die werd uitschuifbaar gemaakt in de hoogte, waardoor de opslagcapaciteit aanzienlijk toenam. Daarnaast is de machine voorzien van verschillende tussenstukken in de aandrijving, aangezien ze verhoogd werd om de Heeb op iets grotere wielen te kunnen plaatsen, dit wel ten koste van de kortere draaicirkel van een 7730.
Tijdens het hakselen is naast de Heeb vaak nog een opvallende verschijning te zien: een 6×6 MAN-vrachtwagen 33.332. Deze agrotruck werd in 1998 aangekocht bij een grondwerker uit Heers, toen nog met een kipbakopbouw. De vrachtwagen, gebouwd in 1989, was destijds nog niet als landbouwvoertuig gekeurd. Om hem als landbouwtruck te kunnen laten keuren, werd hij uitgerust met een Vigneron-mestverspreider en een door Peter Borra op maat gemaakte Odin-mesttank. Dankzij een afzetsysteem kan nu vlot gewisseld worden tussen de mestverspreider, de aalton en de kipbak. Daarnaast kan hij evengoed nog als trekker ingezet worden door de aanwezige schotel.
Samen vormen de Heeb en de MAN op zijn minst een bijzonder hakselteam.
Tekst en beeld: www.deoudedoos.be




